Galerie Hoogenbosch logo

MIRIAM KNIBBELER

Initium - 2015
Initium - 2015
Klik op de afbeelding voor meer

beelden en tekeningen

Miriam Knibbeler (1981, Wellington NZ) woont en werkt in Groningen

De beelden van Miriam Knibbeler zijn opgebouwd uit ijzerdraad, verwarmingsbuis, pur, piepschuim, gietwas, textiel en pigment. Soms passen ze in de palm van de hand. Dan weer zijn ze zo groot dat ze de hele vloer van het atelier in beslag nemen. De beelden zijn herkenbaar als mensen of dieren. Bovenal zijn het lichamen; ‘aanwezigheden’ die hun plaats innemen in de ruimte.

Hun huid is gemaakt van was: vleselijk, teer als de huid van pasgeborenen, koud en gestold als de huid van gestorvenen. Doordat ze kunnen smelten en vervormen, zijn de lichamen kwetsbaar en vergankelijk. De transparantie van het materiaal maakt hen ijl: aanwezig en afwezig tegelijk.

Steeds is er iets wat vervreemdt – maar subtiel, haast ongemerkt. Een vogel lijkt een embryo, een levensgroot paard een menselijk en weerloos wezen. Een ‘wachter’ lijkt ontstegen aan de tijd; een ‘reiziger’ lijkt evenzeer deel van de hemel als van de aarde.
De beelden bewegen zich tussen zielloosheid en bezieling, alledaagsheid en mysterie. Zij vangen het onbenoembare in hun benoembaarheid en bevragen zo het raadsel van leven en dood.

Wat betreft hun vormentaal staan de beelden in de klassieke traditie, maar de inhoudelijke benadering van vorm en materiaal maakt ze tot hedendaagse kunstwerken. Anders gezegd: met haar wortels in de traditie, zoekt de kunstenaar op een eigentijdse manier naar betekenis.

De materialen zijn eigentijds en doen denken aan die van Berlinde de Bruyckere en Folkert de Jong, maar de vorm en zeggingskracht van het werk zijn geheel eigen. Voor Miriam Knibbeler is het geen doel op zichzelf om ‘vernieuwende kunst’ te maken. Zij stelt telkens opnieuw de wezenlijke vraag en probeert de vorm te vinden die daarbij past. De thematiek van haar werk is van alle tijden – de actualiteit zit hem in de directe, fysieke confrontatie met de beelden, en de relevantie van hun betekenis voor de kijker, hier en nu.
Janet Meester, mei 2016